Lichamelijk regressiewerk – eenvoudig uitgelegd
Naast het werken met familieopstellingen bied ik nu ook lichamelijk regressiewerk aan. Deze manier van werken is gebaseerd op de methode van Maarten Oversier.
Bij deze vorm van begeleiding staat het lichaam centraal. Het uitgangspunt is dat ervaringen die we niet goed hebben kunnen verwerken, zich kunnen vastzetten in het lichaam. Dat kunnen gebeurtenissen uit je eigen leven zijn, maar ook ervaringen die (onbewust) zijn doorgegeven vanuit eerdere generaties in je familie.
Door aandacht te geven aan wat je lichaam laat voelen en ervaren, kunnen deze oude spanningen worden herkend en verwerkt. Dat kan helpen om klachten te verminderen en om je meer onbevangen, vrij te leven en ècht jezelf te zijn.
In een aantal sessies onderzoeken we samen welke klachten je hebt en wat daar mogelijk achter schuilgaat. Daarbij kijken we vooral naar de signalen van je lichaam. Je lichaam fungeert als een soort wegwijzer. Ook je familiegeschiedenis wordt hierbij betrokken, om te zien welke patronen of ervaringen aandacht vragen.
Het idee achter dit werk is dat stress en trauma soms al heel vroeg worden opgeslagen, zelfs zonder woorden. Dit kan al tijdens de zwangerschap gebeuren en kan ook afkomstig zijn uit eerdere generaties (dit wordt ook wel generationeel trauma genoemd). Deze ervaringen worden niet bewust herinnerd, maar kunnen wel invloed hebben via het zenuwstelsel.
Voorbeeld:
Iemand voelt zich al jaren onrustig, kan moeilijk stilzitten en heeft regelmatig last van een beklemmend gevoel. Praten alleen helpt niet echt. Tijdens het lichamelijk regressiewerk blijkt dat het lichaam voortdurend in een staat van alertheid staat. Door stap voor stap te onderzoeken waar deze spanning vandaan komt en dit bewust te doorvoelen, kan er geleidelijk meer ontspanning ontstaan.
Klachten die hierbij een rol kunnen spelen zijn onder andere:
- Onzekerheid
- Hyperventilatie
- Hoge bloeddruk
- Innerlijke onrust
- Niet stil kunnen zitten
- Een somber of leeg gevoel
- Tics
- Het gevoel niet gezien of gehoord te zijn